Nieuws
Nieuwsbericht - 9 maart 2026
VA in gesprek met kabinet EU-commissaris Roswall over impact 567 miljoen nationale belastingen
Op 9 maart gaat de Vereniging Afvalbedrijven (VA), samen met de Europese brancheorganisatie FEAD en een afvaardiging vanuit de leden (AVR en Remondis), in gesprek met het kabinet van de Europese Commissaris Roswall. Centraal staat de impact van het Nederlandse belastingpakket van €567 miljoen per jaar op circulariteit, klimaatdoelen en investeringen binnen de Europese context.
Volgens de sector gaan de nationale maatregelen niet alleen gevolgen hebben voor Nederland, maar ook voor de werking van de interne Europese markt, de circulaire economie en het Europese klimaatbeleid.

Van links naar rechts: Wouter van Aggelen (Remondis), Patric Hanselman (VA), Luis Planas Herrera (European Commission) en Paolo Campanella (FEAD).
Risico op verstoring van de Europese markt
Door de stapeling van nationale afvalbelastingen en CO₂-heffingen zullen volgens de VA marktverstoringen ontstaan binnen de Europese Unie. Als de fiscale druk in één lidstaat aanzienlijk hoger ligt dan in buurlanden, is het risico enorm dat afvalstromen en investeringen simpelweg verplaatsen naar andere lidstaten. En afbouw van opgebouwde circulaire infrastructuur en AEC-capaciteit in Nederland is niet zomaar opgezet in andere delen van de Europese Unie. Binnen de Europese Unie worden er nog volop afvalstoffen gestort die in Nederland al decennia nuttig worden toegepast.
“Dit leidt niet tot minder afval of minder uitstoot, maar tot verplaatsing van activiteiten, werkgelegenheid en emissies binnen Europa,” aldus Patric Hanselman, directeur van de Vereniging Afvalbedrijven, namens de betrokken partijen. “Dat ondermijnt zowel de interne markt als de effectiviteit van Europees milieubeleid.”
Druk op circulaire en klimaatinvesteringen
De sector waarschuwt daarnaast dat fiscale onzekerheid en nationale belastingverhogingen de businesscase voor nieuwe sorteer- en recyclinginstallaties verzwakken. Deze infrastructuur vraagt om kapitaalintensieve investeringen met lange terugverdientijden.
Ook zal een sterke stijging van de kosten voor het verwerken van niet-recyclebare reststromen doorwerken in de gehele keten. Hierdoor zullen gerecyclede grondstoffen duurder worden dan primaire materialen, wat de ontwikkeling van circulaire waardeketens bemoeilijkt.
Europese koplopers dreigen capaciteit te verliezen
Sommige lidstaten, waaronder Nederland, beschikken over geavanceerde recycling- en verwerkingssystemen die een belangrijke rol spelen in het Europese systeem. Als nationale maatregelen ertoe leiden dat investeringen of capaciteit verdwijnen, kan dit op korte termijn de totale Europese recyclingcapaciteit verzwakken.
De sector ziet daarom een belangrijke rol voor de aankomende Europese Circular Economy Act om een eerlijk speelveld te waarborgen en ongecoördineerde nationale maatregelen te voorkomen.
“Nederland beschikt over hoogwaardige infrastructuur voor grondstoffenherwinning en duurzame energie. De fors hogere belastingen die de Nederlandse overheid aan deze sector wil opleggen, dreigen deze belangrijke basis voor de Europese circulaire economie te ondermijnen. Het is daarom cruciaal dat de Europese Commissie ervoor zorgt dat de Circular Economy Act helpt voorkomen dat nationale maatregelen de Europese circulaire waardeketens en investeringscapaciteit onder druk zetten,” zegt Wouter van Aggelen, Director Corporate Affairs bij Remondis.
Samenloop met Europees emissiehandelssysteem
Daarnaast wijzen betrokken partijen op mogelijke overlap tussen nationale CO₂-heffingen en het Europese emissiehandelssysteem (EU ETS). Als afvalverbrandingsinstallaties over enkele jaren onder het ETS vallen, kan een additionele nationale CO₂-heffing leiden tot veel hogere koolstofkosten voor dezelfde emissies.
Volgens de sector kan dit investeringen in CCS- en CCU-projecten, die nodig zijn voor verdere decarbonisatie van de afvalketen, ontmoedigen. ”Als AVR hebben wij het voornemen om grootschalig te investeren in CO₂‑afvang, maar het stapelen van nationale heffingen maakt de businesscase onvoorspelbaar. Zolang er geen gelijk speelveld is in uiteenlopende heffingen in Europa worden CC(U)S‑beslissingen mogelijk uitgesteld en raakt de transitie geblokkeerd”, aldus Michiel Timmerije, Director Energy & Residues bij AVR.
Grote Europese afvalstromen bieden kansen
De sector benadrukt dat in Europa nog altijd 30 tot 40 miljoen ton niet-recyclebaar, energetisch benutbaar afval wordt gestort. Moderne installaties kunnen juist helpen om deze stromen duurzamer te verwerken en tegelijkertijd hoogwaardige recycling mogelijk te maken.
Oproep tot Europese beleidscoherentie
Volgens de sector illustreert de Nederlandse situatie een bredere Europese uitdaging: het waarborgen van beleidscoherentie tussen nationale fiscale maatregelen, circulaire economiebeleid en klimaatdoelen.
“Om de Europese circulaire en klimaatdoelen te halen, is een stabiel en voorspelbaar beleidskader nodig dat investeringen in recycling en decarbonisatie ondersteunt in plaats van belemmert.”, aldus Paolo Campanella van FEAD.
Nederland behoort al decennialang tot de Europese koplopers: slechts 2–3% van het afval wordt gestort en meer dan 95% wordt gerecycled of nuttig toegepast. Deze infrastructuur vervult daarmee ook een Europese systeemfunctie. Het afbouwen van bewezen capaciteit in koploperslanden verkleint op korte termijn de totale Europese verwerkingscapaciteit en kan meerdere transities vertragen.
Op basis van het gesprek met het kabinet van EU-commissaris Roswall is toegezegd dat het kabinet hierover met andere directoraten-generaal binnen de Europese Commissie zal overleggen, om de mogelijke impact van nationale maatregelen op het Europese klimaatbeleid en de circulaire economie verder te bespreken.

Contactpersoon
Huug Barendrecht





