Nieuws

Nieuwsbericht - 12 maart 2026

Van eindpunt naar toekomst

Hoe wetenschap, beleid en sector samen werken aan duurzaam stortbeheer

Welke rol kan storten nog spelen in een circulaire economie? Die vraag stond centraal tijdens een symposium op dinsdag 10 maart in Bergen op Zoom. Wetenschappers, beleidsmakers en vertegenwoordigers uit de afvalsector kwamen bijeen om nieuwe inzichten te delen over de verduurzaming van stortplaatsen en de toekomst van het Nederlandse stortbeleid.

De bijeenkomst begon met een bustocht met een bezoek naar De Kragge II, een van de drie locaties waar onderzoek wordt gedaan naar Duurzaam Stortbeheer. Daarna volgde het inhoudelijke programma, onder leiding van dagvoorzitter Richard Engelfriet.

De zoektocht naar duurzaam stortbeheer

Heijo Scharff (Landfill.Pro) schetste hoe het idee van Duurzaam Stortbeheer in de jaren negentig ontstond. Nieuwe stortregels en stortverboden riepen destijds fundamentele vragen op over de toekomst van stortplaatsen.

Een prijsvraag onder stortplaatsexploitanten vormde het begin van een zoektocht naar nieuwe concepten voor stortbeheer. Dat leidde uiteindelijk tot de oprichting van Stichting Duurzaam Stortbeheer in 1997. “Het doel was om stortplaatsen zo te beheren dat ze uiteindelijk stabiel worden en minder langdurige nazorg nodig hebben,” aldus Scharff.

In de loop der jaren verschoof de aandacht van nieuwe stortconcepten naar het actief behandelen van bestaande stortplaatsen. Door maatregelen zoals beluchting en waterinfiltratie kunnen biologische processen worden versneld en emissies worden verminderd.

Wetenschap achter de iDS-pilots

Hans Oonk (TU Delft) ging vervolgens in op de wetenschappelijke inzichten uit de pilot Introductie Duurzaam Stortbeheer (iDS). In deze pilots werken universiteiten en onderzoeksinstellingen samen om te onderzoeken hoe stortplaatsen reageren op actieve behandeling.

Onderzoekers meten onder meer veranderingen in het percolaat – het water dat door het afval stroomt – en analyseren hoe concentraties van verschillende stoffen zich ontwikkelen.

“We zien dat concentraties van verschillende stoffen in het percolaat afnemen en dat stabilisatieprocessen op gang komen,” vertelde Oonk. Tegelijkertijd blijkt dat processen in stortplaatsen vaak langzamer verlopen dan vooraf werd verwacht. Daardoor blijft langdurige monitoring noodzakelijk om goed te kunnen beoordelen wanneer een stortplaats daadwerkelijk stabiel is.

Beleid en circulaire economie

Ook vanuit de overheid wordt gekeken naar de toekomst van storten. Hagar Ligtvoet, plaatsvervangend directeur Circulaire Economie bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, ging in op de beleidsontwikkelingen rond circulaire economie en de rol van Europese regelgeving. Ze schetste hoe beleid, innovatie en industrie steeds meer met elkaar worden verbonden. In het nieuwe regeerakkoord wordt het circulaire economiebeleid ondergebracht bij het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, bij de minister voor Klimaat en Groene Groei.

“Circulaire economie gaat niet alleen over afval, maar ook over grondstoffen, industrie en innovatie,” aldus Ligtvoet. Binnen dat beleid blijft ook aandacht nodig voor de veilige en duurzame omgang met bestaande stortplaatsen en reststromen die niet hoogwaardiger kunnen worden verwerkt.

"Circulaire economie gaat niet alleen over afval, maar ook over grondstoffen, industrie en innovatie."

Europese ontwikkelingen

Unico van Kooten (Vereniging Afvalbedrijven) plaatste de Nederlandse ontwikkelingen in een Europees perspectief. In Europa wordt steeds nadrukkelijker gekeken naar de rol van storten binnen de circulaire economie en naar strengere regels voor afvalbeheer.

Volgens Van Kooten loopt Nederland internationaal voorop met innovatieve initiatieven zoals Duurzaam Stortbeheer. “De Nederlandse sector laat zien dat stortplaatsen niet alleen een eindpunt zijn, maar ook een plek waar actief wordt gewerkt aan verduurzaming.”

Samen werken aan de volgende stap

Het symposium werd afgesloten met een interactieve discussie onder leiding van Hans Boer, voorzitter van Stichting Duurzaam Stortbeheer. In het gesprek stond de vraag centraal hoe de sector zich verder kan ontwikkelen in een circulaire economie.

De deelnemers benadrukten dat samenwerking tussen overheid, wetenschap en sector cruciaal blijft. Ook verdere kennisontwikkeling en monitoring van pilots spelen daarbij een belangrijke rol.

“De inzichten die we hier opdoen helpen ons om beter te begrijpen hoe stortplaatsen zich ontwikkelen en hoe we ze duurzamer kunnen beheren,” concludeerde Boer.

Het symposium maakte duidelijk dat de rol van storten verandert. Waar stortplaatsen vroeger vooral werden gezien als eindpunt van afvalstromen, worden ze steeds meer benaderd als systemen waarin stabilisatie, kennisontwikkeling en duurzaam beheer centraal staan.

Huug Barendrecht

Contactpersoon
Huug Barendrecht

Onze nieuwsbrief
ontvangen?

Circulaire economie

Circulaire economie

Recycling en restmaterialen

Recycling en restmaterialen

Duurzame energie

Duurzame energie