Op weg naar vrij toepasbaar AEC-granulaat

Afvalsector aantoonbaar op koers met Green Deal bodemas

Artikel - 04 juni 2015

Van AEC-bodemas een granulaat maken, dat overal toegepast mag worden, zonder extra maatregelen. Deze uitdaging ging de afvalsector drie jaar geleden aan. Doel voor 2017: minstens de helft hoogwaardig opwerken. Grote stappen zijn intussen gezet, zo wijst een externe audit uit. De ontwikkelde technieken liggen klaar voor gebruik. Nu is het tijd om knopen door te hakken, en definitieve investeringsbeslissingen te nemen.

Door René Didde  ©copyright

Maart 2012 zetten afvalsector en overheid hun handtekening onder de Green Deal Verduurzaming nuttige toepassing AEC-bodemas, een van de vele deals waarmee het toenmalige kabinet op basis van vrijwillige afspraken met het bedrijfsleven verduurzaming wilde stimuleren en daarbij knelpunten in de wet- en regelgeving wilde wegnemen. Deze Green Deal tussen het ministerie van Infrastructuur en Milieu en de Vereniging Afvalbedrijven (VA) namens de AEC-exploitanten behelst de nuttige toepassing van AEC-bodemas, de verbrandingsresten van afvalenergiecentrales (AEC).
Sinds jaar en dag vindt AEC-bodemas zijn weg als ophoogmateriaal voor onder meer de wegenbouw. Tot nog toe mag dat alleen onder de strikte IBC-condities (Isoleren, Beheersen en Controleren) uit het Besluit Bodemkwaliteit. Die criteria vereisen onder meer voor- en nazorg, waaronder het aanbrengen en beheer van een beschermende folielaag.

Lees meer »

De Green Deal moet de weg vrijmaken om AEC-bodemas als vrij toepasbaar AEC-granulaat in te zetten, dus zonder de IBC-condities. AEC-granulaat kan als een schone bouwstof dienen als ophoogmateriaal voor de wegenbouw, en als toeslagmateriaal in de beton- en asfaltindustrie.
Uiterlijk op 1 januari 2017 moet minstens de helft van de AEC-bodemas als schone bouwstof worden toegepast. In 2020 geldt dat voor de totale vrijkomende stroom. Jaarlijks komt naar schatting twee ton AEC-bodemas vrij.
Alle twaalf AEC’s spannen zich in om de doelen te halen. Om de kwaliteit van AEC-bodemas te verbeteren investeren ze in nieuwe schoonmaaktechnieken, hetzij in eigen beheer hetzij in samenwerking met opwerkers. "De een is verder dan de ander, maar ze zijn allemaal voortvarend aan de slag", vertelt Leontine Kiès van PwC, die dit voorjaar in opdracht van de VA een onafhankelijke audit uitvoerde naar de voortgang van de Green Deal.

Diverse technieken verbeteren de kwaliteit van bodemas

Sleuteljaar

De AEC’s spannen zich aantoonbaar in, zo wijst de audit uit. De sector gaat voortvarend te werk en ligt op schema om het 2017-doel te halen. De afgelopen jaren stonden in het teken van onderzoek en ontwikkeling. Diverse nieuwe innovatieve technieken zijn met praktijkproeven getest. De testen laten gunstige resultaten zien. Een deel van het AEC-granulaat wordt zelfs al regulier buiten IBC afgezet.
Het jaar 2015 is een sleuteljaar. Het gros van de bedrijven staat namelijk voor een belangrijke stap: het nemen van een definitieve investerings- en contracteringsbeslissing. Die stap is doorslaggevend. "De AEC’s moeten dit jaar aan de bak, anders wordt de deadline van 2017 niet gehaald", concludeert Kiès. "Opschalen van de experimenten naar de praktijkschaal, aanvraag van milieu- en bouwvergunningen en de bouw van de installaties vergen de nodige tijd. De investeringsbeslissing moet dit jaar worden genomen." Investeren is nodig, al constateert Kiès ook dat veel AEC’s aanlopen tegen de meerkosten van de schoonmaak in deze tijd van sterke concurrentie, marges die onder druk staan en het niet zomaar kunnen doorberekenen van de kosten door langlopende contracten.
Een positieve investeringsbeslissing heeft Jan Kappetein al achter de rug. "Wij gaan tien miljoen euro investeren om straks zowel het natte als het droge schoonmaakkunstje te doen", zegt de directeur HEROS in Sluiskil. De droge methode levert een granulaat op voor prefab-betonproducten zoals stoeptegels. Het vervangt tot een kwart van de hoeveelheid primaire grondstoffen als zand en grind. De natte techniek behelst het wassen en spoelen van AEC-bodemas. Kappetein: "Met de natte methode houden we nog een slibfractie met fijne deeltjes over waaraan de zwaarste verontreiniging kleeft. Dat is ongeveer 15 procent en gaat naar de deponie. We onderzoeken of we er nog iets mee kunnen voor de cementindustrie."

Natte en droge technieken
Er zijn grofweg twee routes voor de opwerking van AEC-bodemas. De natte techniek bestaat uit een uitgebreide serie van wasstappen met water, zeep en een scala aan additieven waarmee de verontreiniging wordt gebonden. De droge techniek is gebaseerd op een verzameling van zeeftechnieken die de AEC-bodemas in deeltjes van verschillende diameters scheiden. Beide technieken halen metalen als ijzer en staal, en non-ferro-metalen als koper, zink en zilver, met respectievelijk magneten en eddy-current-scheiders uit de AEC-bodemas. Hergebruik van deze materialen brengt het meeste geld in het laatje. "De natte wastechnieken zijn robuust en lijken onontbeerlijk om in 2020 voor de volle 100 procent schone afzet te bewerkstelligen", zegt Leontine Kiès van PwC.

Verantwoordelijkheid

"Goed nieuws dat HEROS deze investering doet", reageert Jaap Pranger, voorzitter van de VA-Afdeling Energie uit Afval en financieel directeur van AEB Amsterdam. "We doen er als branche alles aan om de Green Deal te halen. Het is goed om te zien dat iedereen zijn verantwoordelijkheid neemt. De komende maanden moeten meer businesscases opleveren. Hopelijk ontstaan er verdienmodellen zodat de bewerkingsslagen kunnen worden bekostigd."
Aanvullend onderzoek onder een zestal opwerkers van AEC-bodemas, dat PwC heeft uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Milieu, onderschrijft de uitkomsten van de evaluatie. De opwerkers bevestigen, gebaseerd op de positieve technische resultaten, dat het realiseren van de Green Deal niet zozeer een technisch, maar vooral een economisch vraagstuk is. Tot nog toe heeft AEC-bodemas een negatieve waarde. AEC’s betalen wegenbouwers om het toe te passen. Aan de nieuwe technieken hangt een prijskaartje. "PwC heeft berekend dat de verduurzamingsstappen leiden tot een verhoging van de kosten van nul tot tien euro per ton ruwe bodemas", zegt Pranger. Op de langere termijn bestaat een positieve verwachting over de afzettarieven, zo stelt het evaluatierapport. De nieuwe toepassingen en het wegvallen van IBC-condities vergroot de afzetmarkt. Pranger ziet grote kansen in de grond-, weg- en waterbouw (gww), de betonindustrie en de betonwarenindustrie. "Misschien meldt zich nog een andere industrie met belangstelling voor schone bodemassen." Een en ander hangt ook af van hoe de markt voor primaire grondstoffen als zand en grind zich ontwikkelt. Mogelijk zijn er ook exportkansen voor de schoonmaaktechnieken zelf. Duitsland, Denemarken, Zweden, Frankrijk en Oostenrijk hebben belangstelling getoond voor de Nederlandse pilotproeven.

AEC-bodemas vindt zijn weg als ophoogmateriaal voor onder meer de wegenbouw

Marktacceptatie

Belangrijk onderdeel voor de afzet is het vergroten van de marktacceptatie voor het product. De overheid heeft daarin conform de afspraken in de Green Deal een belangrijke rol, zeggen de betrokkenen. Amsterdam geeft het goede voorbeeld. "Je ziet dat de gemeente Amsterdam bij de inrichting van maaiveld voorschrijft dat producten deels uit AEC-bodemas mogen bestaan", zegt Pranger verheugd. Eerder mocht het in Amsterdam niet in producten zoals trottoirbanden worden toegepast.
Op het ministerie van Infrastructuur en Milieu zegt programmamanager Mari van Dreumel dat er nog dit voorjaar concrete ideeën komen over hoe de marktacceptatie te vergroten. "Als we straks aanbod hebben van schoon AEC-bodemas, moet er ook een vraag ontstaan. We denken zeker aan impulsen van Rijkswaterstaat als grootste bouwer van Nederland. We zullen het toepassen van AEC-bodemas stroomlijnen tot een nationale aanpak." Wat betreft uitzonderingsposities en het opheffen van knelpunten in de nationale wetgeving wil het ministerie ‘tot het uiterste gaan en niets nalaten’. Wat betreft het Europese aanbestedingsrecht ligt de zaak gecompliceerder, aldus Van Dreumel. "Maar de wil is er."

Green Deal Verduurzaming nuttige toepassing AEC-bodemas
Met de overheid is in een Green Deal afgesproken dat uiterlijk op 1 januari 2017 minstens de helft van de bodemas wordt toegepast als schone bouwstof buiten de huidige IBC-categorie van het Besluit bodemkwaliteit. Daarna wordt bekeken of het mogelijk is om de IBC-categorie in 2020 te laten vervallen. Daarvoor is het nodig dat de kwaliteit van de bodemas zodanig verbetert, dat een bouwstof ontstaat die zonder isolatiemaatregelen kan worden toegepast. In de Green Deal is tevens afgesproken dat de afvalenergiecentrales een hoger percentage non-ferrometalen terugwinnen. De volgende afvalenergiecentrales hebben zich verbonden aan de afspraken uit de Green Deal: AEB Amsterdam, ARN, Attero, AVR, EEW Energy from Waste Delfzijl, HVC Groep, Omrin, Suez Environnement en Twence.

"Alle afvalenergiecentrales zijn voortvarend aan de slag."
Leontine Kiès - PwC
"Iedereen neemt zijn verantwoordelijkheid om de Green Deal te halen."
Jaap Pranger - AEB Amsterdam en voorziter Afdeling Energie uit Afval
"We zullen het toepassen van AEC-bodemas stroomlijnen tot een nationale aanpak."
Mari van Dreumel - ministerie van Infrastructuur en Milieu
"Wij gaan tien miljoen euro investeren om straks zowel het natte als het droge schoonmaakkunstje te doen."
Jan Kappetein - HEROS
Visie Vereniging Afvalbedrijven

Uit de tussentijdse evaluatie van de Green Deal AEC-bodemas blijkt dat de exploitanten van alle afvalenergiecentrales goed op dreef zijn om de doelstelling te realiseren. Met diverse innovatieve technieken verbeteren de bedrijven de kwaliteit van bodemas, zodat de secundaire grondstof zonder isolerende maatregelen nuttig toepasbaar is. Het jaar 2015 is cruciaal. Investerings- en contracteringsbeslissingen die dit jaar worden genomen zijn bepalend voor het behalen van de doelstelling. De Vereniging Afvalbedrijven en haar leden zien het jaar 2017 met vertrouwen tegemoet. Lees ons persbericht