Energieakkoord stuwt afvalwarmte

Afvalsector ziet kansen in uitwerking Energieakkoord

Artikel - 23 oktober 2013

Begin september zette minister Kamp van Economische Zaken zijn handtekening onder het Energieakkoord. Dat deed hij samen met ruim veertig organisaties. Als grootleverancier van duurzame energie omarmt de afvalbranche het akkoord. Een impuls voor afvalwarmte ligt in het verschiet.

Door Paul Hazebroek ©Copyright

Met het Energieakkoord staat de afvalbranche aan de vooravond van een versnelde opmars als leverancier van duurzame warmte. Zo luidt in een notendop de reactie van Peter Simoes op het kersverse akkoord. Simoes, strategisch adviseur bij Afval Energie Bedrijf, is voorzitter van de werkgroep Energie van de Vereniging Afvalbedrijven (VA). Hij is vooral positief omdat het akkoord breed wordt gedragen in de samenleving: een lange stoet van meer dan veertig organisaties - werkgevers, werknemers, maatschappelijke organisaties, financiële instellingen - en de rijksoverheid, schaart zich achter de energie-ambities. "Daarmee zijn de gestelde doelstellingen echt haalbaar. De consistentie in het Nederlandse energiebeleid was lange tijd ver te zoeken. Het Energieakkoord brengt daar verandering in." De VA behoort niet tot de ondertekenaars. Ook andere afvalgerelateerde partijen waren niet bij het akkoord betrokken. Dat neemt niet weg dat de afvalbranche als grootleverancier van duurzame energie het akkoord omarmt. Vooral waar het akkoord gaat over energie-efficiëntie in de gebouwde omgeving, ziet Simoes kansen: "Daar past warmte uit onze installaties prima in. Alle afvalenergiecentrales zijn bezig met het uitkoppelen van warmte met de omgeving." Andere aanknopingspunten ziet hij bij de inzet van biomassa als bron van hernieuwbare opwekking, het verhogen van energie-efficiëntie in de industrie (aanleg van stoomnetten), en het gebruik van groen gas uit biomassa voor de transportsector. Voor het 'inkoppen' van die kansen, behoeft het akkoord nog nadere uitwerking. Simoes: "Ondanks de losse eindjes is het Energieakkoord voor ons absoluut geen abracadabra. Het akkoord laat duidelijk zien in welke richting de betrokken partijen momenteel denken. Die richting is voor onze sector gunstig. We moeten er nu verder mee aan de slag."

Lees meer »

Start-stop-trauma

Fokke Goudswaard, bestuurslid van Platform Bio-Energie (PBE), stelt dat het Energieakkoord leveranciers van duurzame energie verlost van het start-stop-trauma waaronder het Haagse energiebeleid de afgelopen jaren gebukt ging. "Dit akkoord is dermate nadrukkelijk gezamenlijk afgesproken, dat geen kabinet er onderuit kan. We gaan dit met z’n allen tot 2023 doen." Goudswaard verwacht dat de afvalsector met duurzame warmte een 'flinke portie' voor zijn rekening zal nemen van de hernieuwbare energieopwekking die in het akkoord is afgesproken.
Simoes gaat op grond van een recente inventarisatie van projecten in de sector uit van een verdubbeling vergeleken met wat de branche momenteel aan duurzame warmte levert.
Ook Klaas de Jong, hoofdredacteur van Warmtenetwerk Magazine van Stichting Warmtenetwerk, ziet in het Energieakkoord volop kansen voor duurzame warmte. Toch is het akkoord in zijn ogen juist op dit punt weinig concreet. "Het akkoord geeft een hoge prioriteit aan gebruik van industriële restwarmte, maar er staat geen letter in over warmte van afvalverbranding en elektriciteitscentrales. Hopelijk beschouwen ze warmte uit afvalverbranding als onderdeel van industriële restwarmte."
De Jong zocht in het akkoord tevergeefs naar maatregelen voor groen gas en warmtekrachtkoppeling (WKK). Ook mistte hij warmte bij de invulling van de duurzaamheidsdoelstelling: "Het akkoord gaat vooral over duurzame elektriciteit. Terwijl de SDE+, de subsidieregeling Stimulering Duurzame Energieproductie, voor warmte vorig jaar een groot succes was. Wil je de afgesproken 14 procent duurzame energie in 2020 halen, dan moet je niet alleen naar elektriciteit kijken, maar vooral naar warmte. Daarvan is het aandeel in het eindverbruik van energie veel groter dan van elektriciteit. De ondertekenaars van het akkoord hebben zich dat onvoldoende gerealiseerd. De Europese richtlijn voor energie-efficiëntie (EED) verplicht ons eigenlijk ook tot de aanleg van dergelijke warmtenetten."

Meepraten

De afvalsector wil graag meepraten over de verdere uitwerking van het akkoord. De VA zoekt daarbij samenwerking met andere organisaties, zo geeft Simoes aan. Zowel PBE als Stichting Warmtenetwerk hebben vanwege 'parallelle belangen' interesse in zo’n samenwerking, bevestigen Goudswaard en De Jong. PBE stuurt aan op een taskforce voor het stimuleren van duurzame warmte. "Duurzame warmte heeft veel focus en beleidsmatige support nodig om tot volle wasdom te komen", licht Goudswaard het plan voor de werkgroep nader toe. "De afvalsector zou daarmee net als de windsector beter herkenbaar worden en meer een stem krijgen bij kwesties als financiering en wet- en regelgeving."
De aanleg van regionale warmte-infrastructuren vergt volgens de
drie geïnterviewden vooral financiële ondersteuning. Behalve investeringssubsidies is ondersteuning in de vorm van participaties of garantiestelling volgens Simoes denkbaar: "Het is te vroeg om te zeggen hoe die ondersteuning er precies uit moet gaan zien. Als sector hebben we daar ideeën over, maar die zijn nog niet concreet genoeg om te kunnen zeggen: zo gaat het werken. Pas als we daarover met alle andere betrokken partijen op één lijn zitten, kunnen we echt gaan rekenen."

Het Energieakkoord geeft de afvalbranche een impuls als leverancier van duurzame warmte (foto: AEB)

De Rotterdamse aanpak uitgelicht

In Rotterdam prijkt een voorbeeld van een regionale warmte-infrastructuur, waarvoor in het Energieakkoord wordt gepleit. AVR Rozenburg levert sinds kort warmte aan het stadswarmtenet in Rotterdam-Zuid door een leiding die Warmtebedrijf Rotterdam heeft laten aanleggen van de Botlek naar dit deel van de Maasstad. Belangrijk voor de realisatie was de lange investeringshorizon van de gemeente Rotterdam, woningcorporatie Woonbron en de Provincie Zuid-Holland als aandeelhouders van het Warmtebedrijf. "Bij zo’n grote infra-investering zit je aan het begin van de exploitatie met een onrendabele top en daarna met een lange terugverdientijd. Commerciële bedrijven hebben meestal niet zo’n lange adem als het gaat om non-corebusiness activiteiten", licht AVR-energiemanager Michiel Timmerije toe. Volgend jaar gaat AVR ook warmte leveren aan Eneco voor woningen en bedrijven in Rotterdam-Noord. Dit gebeurt via een nieuwe 'Leiding over Noord', waaraan ook Vlaardingen en Schiedam kunnen worden gekoppeld. Met een grote, deels gereguleerde, klantenportfolio ligt het voor Eneco voor de hand de investering voor die warmteleiding zelf te dragen. Voor een meer ‘robuuste’ bedrijfszekerheid, wordt er gedacht aan koppeling van het Rotterdamse warmtenet aan dat van Delft en Den Haag. Ook andere warmtebronnen zoals geothermie kunnen dan worden aangekoppeld. "Met het Energieakkoord wordt het makkelijker om voor dit soort grote infra-projecten van overheidswege ondersteuning te krijgen", verwacht Timmerije.

"We moeten er nu verder mee aan de slag."
Peter Simoes - Afval Energie Bedrijf
"Duurzame warmte heeft veel focus en beleidsmatige support nodig."
Fokke Goudswaard - Platform Bio-Energie
"Het akkoord geeft een hoge prioriteit aan gebruik van industriële restwarmte."
Klaas de Jong - Stichting Warmtenetwerk
"Met het Energieakkoord wordt het makkelijker om van overheidswege ondersteuning te krijgen."
Michiel Timmerije - AVR
Visie Vereniging Afvalbedrijven

De afvalbranche is als grootleverancier van duurzame energie tevreden met het Energieakkoord, omdat het consistentie brengt in het Nederlandse energiebeleid. De VA wil graag meepraten over de concrete uitwerking van het akkoord en zoekt daarbij samenwerking met andere organisaties.