Eind aan eeuwige zorg door duurzaam stortbeheer?

Zorgvuldige voorbereiding tien jaar durend experiment

Artikel - 17 februari 2014

Nu nog vragen stortplaatsen eeuwigdurende zorg. Het innovatieve concept van duurzaam stortbeheer kan dat veranderen. Drie tienjarige pilots gaan uitwijzen of de aanpak het gewenste milieuresultaat oplevert. Dit jaar staat in het teken van de laatste voorbereidingen. De introductie vraagt om een grote zorgvuldigheid. Eind 2014 wordt de Green Deal Duurzaam Stortbeheer getekend.

Door René Didde ©Copyright

Niet langer het reeds gestorte afval hermetisch inpakken met vloeistofdichte folie aan de bovenzijde om dan tot in de eeuwigheid nazorg te plegen. Maar met behulp van de natuur binnen één generatie de bron aanpakken. 'Duurzaam stortbeheer' heet deze innovatie. Het nu ruim twintig jaar geldende adagium van het bodembeleid - isoleren, beheersen, controleren (IBC) - krijgt hiermee concurrentie voor wat betreft de stortplaatsen. Althans, een tien jaar durend experiment moet bewijzen dat duurzaam stortbeheer zonder milieuhygiënische risico’s mogelijk is. Het kan de Nederlandse samenleving rond de 80 miljoen euro besparen, doordat de dure bovenafdichting achterwege kan blijven en eeuwigdurende nazorg niet meer nodig is.

Na jarenlang overleg en onderzoek worden op dit moment de voorbereidingen getroffen voor een drietal proefprojecten op stortplaatsen. Het gaat om stortplaatsen in Bergen op Zoom, Almere en Wieringermeer die van elkaar verschillen in aard, omvang en omstandigheden in bodem en grondwater.
Bert Krom, directeur van Afvalzorg, is betrokken bij twee van de drie experimenten. "De drijfveer is dat we ons verantwoordelijk voelen voor de stortplaatsen. In eeuwigdurende nazorg geloof ik niet zo. Het is alsof de ridders van de Ronde Tafel in de Middeleeuwen een zak geld opzijzetten om hun harnas eeuwig op te laten poetsen. Zo werkt dat dus niet."

Lees meer »

Emissietoetswaarden

Over de planning meldt het ministerie van Infrastructuur en Milieu: "De complexiteit, de duur en het innovatieve karakter van het experiment en de zorgvuldigheid die betracht moet worden bij het opzetten ervan, hebben tot gevolg gehad dat de voorbereiding meer tijd kost dan aanvankelijk was te voorzien." Een tijdrovend vraagstuk is onder meer het vaststellen van de zogeheten emissietoetswaarden. Duurzaam stortbeheer moet binnen de milieuhygiënische randvoorwaarden passen. Die waarden geven het niveau aan waarbij een stortplaats na tien jaar voldoende schoon is en de verontreiniging binnen de perken blijft. Het gaat vooral om organische microverontreinigingen, zoals pak’s, gechloreerde koolwaterstoffen, benzeen en eventuele anorganische stoffen, zoals zware metalen en arseen die naar het grondwater kunnen ontwijken. Dit voorjaar verschijnen rapportages van RIVM en ECN over de emissietoetswaarden. Dan zijn ook de resultaten bekend van een rekenmodel dat de emissies berekent voor verschillende stortplaatsen met verschillende omstandigheden, aldus een woordvoerder van het ministerie.
Momenteel leggen de exploitanten de laatste hand aan onder meer het Integraal Plan van Aanpak en de drie Deelplannen van Aanpak. Om de drie proefprojecten voor een dergelijke lange looptijd voldoende draagvlak te geven, wordt eind dit jaar de Green Deal Duurzaam Stortbeheer getekend tussen de provincies Noord-Holland, Noord-Brabant, Flevoland, IPO, brancheorganisaties als Vereniging Afvalbedrijven, Stichting Duurzaam Storten, betrokken afvalbedrijven en het ministerie.
Melanie Schultz van Haegen, minister van Infrastructuur en Milieu, vindt het experiment een mooi voorbeeld van een samenwerking op het gebied van innovatieontwikkeling tussen bedrijfsleven en overheden, schreef ze begin december 2013 aan de vaste Kamercommissie. "Bijzonder bij dit project is dat het gaat om een vrijwillig samenwerkingsverband waarbij de overheid niet alleen innovatie stimuleert, maar ook faciliterend optreedt door het juridisch kader geschikt te maken voor een dergelijk experiment", aldus de minister.
Bij de Technische commissie bodem (TCB) is specialist Jaap Tuinstra positief over de ontwikkeling. "Waarschijnlijk neemt het emissiepotentieel af, bijvoorbeeld doordat bacteriën actief zijn", zegt Tuinstra, secretaris van de TCB die vier rapporten met vijf adviezen uitbracht over duurzaam stortbeheer. "Spannend aan de praktijkproeven op de stortplaatsen is of de te verwachten processen ook daadwerkelijk optreden in het grote, onregelmatig samengestelde stortlichaam."
Tuinstra is benieuwd hoe de verschillende stortplaatsen zich gedragen. "Wieringermeer ligt bij oppervlaktewater, in Bergen op Zoom is het watervoerende pakket in het geding. Het gaat om de concentratie van eventueel mobiel gemaakte zware metalen en andere verontreinigingen in het percolaat aan het einde van het experiment. Zeker omdat je verwacht dat de onderafdichting in de loop der jaren niet meer voor honderd procent functioneert." Tuinstra denkt dat het ammoniumgehalte in het percolaat, metalen en organische microverontreiniging de cruciale parameters vormen.
Hoewel het grondwater voldoende beschermd moet blijven, breekt de TCB een lans om vooral te kijken naar de trend. "Belangrijker dan de vraag of de emissietoetswaarden worden overschreden, is de vraag of de trend afnemend is en of je kunt berekenen wanneer de emissies onder dat beschermingsniveau duiken", aldus Tuinstra. "Tot die tijd moet je op de onderafdichting kunnen vertrouwen."

Een tien jaar durend experiment moet gaan uitwijzen of duurzaam stortbeheer het gewenste milieuresultaat oplevert

Bigbags

Tuintra ziet kansen, ook in het buitenland. Een innovatie als deze kan een potentieel exportproduct worden. De grote hoeveelheid stortplaatsen in de mediterrane landen in de Europese Unie biedt mogelijkheden. "De situatie is overal anders, maar je kunt met de kennis die wij nu opdoen in situaties zonder bovenafdichting wel emissies in andere landen ‘terugrekenen’ en ze koppelen aan de lokale of nationale beschermingsdoelen ter plaatse", denkt Tuinstra.
De provincie Flevoland, betrokken bij de proef op de stortplaats Braambergen in Almere, onderschrijft de speurtocht naar een meer brongerichte aanpak. "Maar het moet wel zorgvuldig, want stortplaats Braambergen ligt niet ver van woonwijken en het kwetsbare natuurgebied Oostvaardersplassen", zegt Peter Bijvank, bodemspecialist van de provincie. Hij is nieuwsgierig of de verwachte processen ook in het heterogene stortlichaam in de praktijk optreden. "In Braambergen is behoorlijk wat afval in bigbags gestort. Ik kan me voorstellen dat die bigbags de doorstroming van lucht en water in het stortlichaam onvoorspelbaar beïnvloeden."
Afvalzorg ziet het experiment met vertrouwen tegemoet. "We weten vrij goed hoe het stortlichaam zich gedraagt. In de jaren negentig onderzochten we de mogelijkheden voor nieuwe duurzame stortplaatsen. Veel kennis daarvan kunnen we nu benutten om oude bulten achteraf te verduurzamen", zegt Krom van Afvalzorg. De black box blijkt een aantal cruciale parameters te herbergen waarop de beheerders kunnen sturen. Krom noemt de redoxpotentiaal en de zuurgraad. "Deze parameters zijn van belang om in de periode nadat het meeste organisch materiaal is vergist, afgebroken en gecomposteerd ook het resterende anorganische materiaal als zware metalen in een niet uitloogbare, chemische matrix vast te leggen."
De momenteel niet bepaald lucratieve stortsector investeert tien miljoen euro in de drie proeven. Krom: "Als blijkt dat de proeven slagen en de risico’s aanvaardbaar zijn, hopen we op een betrouwbare overheid die dan de wetgeving over de afdeklaag aanpast. Het nazorgfonds kan dan vermoedelijk lager. Dat is maatschappelijk zuivere winst en we leggen geen hypotheek bij onze kinderen."

Met de pilots wordt onderzocht of het mogelijk is om met natuurlijke afbraakprocessen de verontreiniging in de stortplaats zodanig terug te brengen dat eeuwigdurende nazorg en volledig inpakken niet meer nodig zijn (foto: Attero)

Hoe werkt duurzaam stortbeheer?

Duurzaam stortbeheer speelt leentjebuur bij de aanpak van bodemverontreiniging door actief bacteriën in te zetten. De biologische afbraakwerkzaamheden van deze minuscule vuilnismannetjes worden flink versneld door - afhankelijk van de leeftijd van de stort - eerst gedurende vijf tot zeven jaar water en dan drie tot vijf jaar lucht in het stortlichaam te pompen. Ondertussen wordt al het energierijke methaan afgevangen, organische stoffen afgebroken en andere stoffen vastgelegd. Kortom: niet de natuurlijke processen stilleggen met een afdichting, maar de afbraakprocessen juist stimuleren.

"Eeuwigdurende nazorg is alsof de ridders van de Ronde Tafel in de Middeleeuwen een zak geld opzijzetten om hun harnas eeuwig op te laten poetsen."
Bert Krom - Afvalzorg
"Het experiment is een mooi voorbeeld van een samenwerking op het gebied van innovatieontwikkeling tussen bedrijfsleven en overheden."
Melanie Schultz van Haegen - IenM
"Waarschijnlijk neemt het emissiepotentieel af."
Jaap Tuinstra - TCB
"Ik onderschrijf de speurtocht naar een meer brongerichte aanpak."
Peter Bijvank - provincie Flevoland