Géén afvalstoffenbelasting op import

Ambtelijke inventarisatie: verhoog en verbreed afvalstoffenbelasting 

Artikel - 15 december 2016

Verhoog en verbreed de afvalstoffenbelasting. En schaf vrijstellingen, onder meer voor buitenlands restafval, af. Dat stelt ambtelijk Den Haag in een recente studie naar potentiële beleidsmaatregelen. De afvalsector wijst deze aanpassingen van de hand. Ze schaden zowel duurzaamheid als de concurrentiepositie van de Nederlandse afvalsector. 

Hoe bevorderen we duurzame welvaartsgroei? Dat was de opdracht voor de onafhankelijke ambtelijke Studiegroep Duurzame Groei, met daarin vertegenwoordigers van negen ministeries. Als inspirerend leesvoer voor het volgende kabinet brachten ze recent een advies uit, met daarin een waslijst potentiële beleidsmaatregelen. Eén daarvan luidt: bevorder recycling door het invoeren van een brede afvalstoffenbelasting. De ambtenaren bepleiten daarmee een uitbreiding van de huidige belasting, die begin 2015 werd ingevoerd. Ingestelde vrijstellingen, zoals voor buitenlands restafval, mogen van de studiegroep van tafel. Recycling zou erbij gebaat zijn, zo stelt het eindrapport, net als het gelijk speelveld. “Beide zijn voor het belasten van de import van brandbaar restafval pertinent onwaar”, reageert Wieger Droogh, algemeen directeur van SUEZ Nederland. Het tegendeel is volgens hem het geval: “De belasting op import creëert juist een ongelijk speelveld. Landen als Engeland en Duitsland heffen immers géén extra belasting. Ook verduurzaamt de maatregel niet. Belast je import uit Engeland, dan wordt het afval daar grotendeels gestort, terwijl wij het in Nederland omzetten in duurzame energie.”

Lees meer »

Afval heeft wielen

Momenteel importeert Nederland circa 1,7 miljoen ton brandbaar restafval per jaar, ongeveer twintig procent van de beschikbare capaciteit van afvalenergiecentrales. “Afval heeft wielen”, benadrukt Gerard van Gorkum, algemeen directeur van afvalenergiecentrale ARN B.V., diverse keren. Hij importeert een bescheiden deel uit Engeland. “Onze installatie staat dichtbij de Duitse grens. Om dertien euro per ton te verdienen - het bedrag van de huidige afvalstoffenbelasting - rijdt het ongesorteerde Nederlands afval en de Engelse RDF (opgewerkt afval) makkelijk even verderop naar Duitsland. We opereren in een open Europese markt. Teveel mensen in Den Haag denken blijkbaar dat we op een eiland zitten.” Minder importaanbod voor Nederlandse afvalenergiecentrales is niet alleen onwenselijk vanuit economisch perspectief, het betekent ook een lagere productie van duurzame energie. Terwijl Nederland grote moeite heeft om de doelen voor hernieuwbare energie te halen. “Onze sector levert daar momenteel een grote bijdrage aan”, aldus Van Gorkum.

Een belasting op import creëert een ongelijk speelveld en verduurzaamt niet

Concurrentiepositie in geding

Er zijn meer buitenlandse kapers op de kust. Zo azen ook Duitsland, België en Scandinavische landen op het Engelse afval. Jasper de Jong, commercieel directeur bij AVR, vreest dat Nederland zich met het belasten van import uit de Europese markt prijst. “We moeten de Nederlandse concurrentiepositie niet schaden”, waarschuwt hij. Voor het verwerken van specifieke Nederlandse stromen restafval ondervindt hij al nadelen van de ingevoerde afvalstoffenbelasting. “België is voor specifiek restafval relatief goedkoper geworden. De Belastingdienst int de belasting niet bij huishoudens en bedrijven, maar om praktische redenen bij de Nederlandse afvalenergiecentrales. In de concurrentie met Belgische centrales staan wij dus al 13 euro per ton achter. Dat kost ons nu al klanten. Hoogwaardiger verwerken ze het restafval niet. De warmte, de stoom: wij behalen een maximaal energierendement. Niets blijft onbenut, terwijl ze in het buitenland vaak alleen elektriciteit opwekken.” 

Sorteer- en recyclingindustrie de dupe

De studiegroep benoemt niet alleen een verbreding, maar ook een verhoging van de afvalstoffenbelasting. Van Gorkum vindt dit een slecht idee. De Nederlandse sorteer- en recyclingindustrie zal volgens hem de dupe hiervan worden. “Het leeuwendeel van onze klanten bestaat uit Nederlandse recyclinginstallaties. Wij verwerken voor hen de residustromen die bij het sorteren en recyclen overblijven.” De recyclingsector en hun klanten betalen de rekening van de verhoging, wil Van Gorkum maar zeggen. Niet alleen omdat de prijzen stijgen, ook omdat de aanvoer van te recyclen stromen mogelijk zal verdwijnen naar het buitenland. “Maak je het verwerken van residustromen duurder, dan gaan ze ongesorteerd de landsgrens over. Dan gebeurt het sorteren en de recycling in het buitenland.”

Belasten van zuiveringsslib en biomassa 

Het advies van de ambtelijke studiegroep om de afvalstoffenbelasting te verbreden, geldt niet alleen voor buitenlands restafval, maar ook voor afval verbrand in biomassa-energiecentrales en zuiveringsslib. Gerard van Gorkum van ARN B.V. ziet bij zuiveringsslib geen stimulans voor recycling. “Zuiveringsslib is een residustroom uit afvalwaterzuivering. Vroeger mocht het slib na bewerking als compost worden toegepast, nu kan het alleen verbrand worden. Dat hebben we in Nederland terecht zo besloten. Er bestaat op dit moment geen duurzamer alternatief.” Dat laatste geldt moge-lijk wel voor specifieke biomassastromen voor biomassa-energiecentrales, meent Wieger Droogh van SUEZ Nederland. Als voorbeeld noemt hij B-hout. “Dat hout verbranden in biomassa-energiecentrales, valt te bediscussiëren. Op dit moment stimuleert de overheid verbranden met SDE+-subsidies, terwijl we er beter een circulair product van kunnen maken. Dan krijgt het hout een tweede leven. Een belasting heffen op het thermisch verwerken van B-hout kan het recyclen ervan financieel aantrekkelijker maken.”

Verwerkingstarieven al hoger

Van Gorkum ziet geen enkel positief recyclingeffect door de belasting, ook niet voor het verminderen van restafval. “Kom maar kijken bij onze installatie. Plastic, papier, glas, gft: alles is uit het gemeentelijke restafval gehaald. Gemeenten en burgers doen harstikke hun best, net als de recyclingbedrijven. Hef je over het restant een hogere belasting, dan bestraf je juist goed gedrag.”
Overigens zijn de verwerkingsprijzen al verhoogd, ook zonder een belastingverhoging. Dus een prikkel uit hogere tarieven bestaat reeds. Van Gorkum: “De afgelopen anderhalf jaar zijn de Nederlandse tarieven substantieel gestegen, tot wel 25 procent.” Die stijging zet door. Engelse partijen die afval naar Nederland brengen, krijgen daar bovenop te maken met ongunstige omwisselkoersen. De pond staat immers onder druk.

Vervuiler betaalt

Op zichzelf is De Jong van AVR geen tegenstander van het principe achter de afvalstoffenbelasting. “De maatregel gaat uit van het principe van ‘de vervuiler betaalt’. In dit geval een huishouden of bedrijf.” Knelpunt in de uitwerking is wel, stelt hij, dat het principe niet altijd opgaat, omdat de producent van restafval niet direct de belasting betaalt, maar de inning via de afvalenergiecentrales loopt. “Er zijn gevallen waarbij we de belasting niet kunnen doorrekenen aan de vervuiler.”
Ook Droogh ziet op zichzelf heil in het sturingsinstrument, al stelt hij dat de maatregel destijds primair is ingevoerd omdat de afvalsector 100 miljoen euro moest ophoesten voor de schatkist. “Maken we het verwerken van Nederlands brandbaar restafval duurder, dan kan dat wel degelijk verduurzaming stimuleren. Bijvoorbeeld het restafval beperken en het scheiden bevorderen.” Mits, en dat is volgens Droogh essentieel, de belasting dan ook geldt voor de export van Nederlands restafval. 

‘Belast primaire grondstoffen’

Het ambtelijke advies legt het verkeerde accent, vindt Jasper de Jong van AVR. Andere fiscale prikkels zijn volgens hem harder nodig en leveren meer resultaat op. “Met het belasten van primaire grondstoffen geven we ruimte aan secundaire grondstoffen die worden geproduceerd door sorteer- en recyclingbedrijven. In het verleden hebben we teveel gefocust op de kwantiteit. We wilden zoveel mogelijk recyclen en zo min mogelijk restafval. Deze ambities gingen soms ten koste van de kwaliteit. Volgende stap is het maken van een kwaliteitsslag. Het maken en leveren van hoogwaardige producten en diensten moet voorop staan.”

Exportheffing instellen 

Droogh vindt dat een verhoging pas aan de orde kan zijn als er een exportheffing komt. Deze exportheffing bestaat al, maar is door het kabinet op nul gezet. “Een heffing op export is van wezenlijk belang. We moeten in Nederland het verwerken van restafval niet duurder maken dan in het buitenland. De exportheffing moet even hoog zijn als de afvalstoffenbelasting. Het zou ook helpen als de extra opbrengst niet in de schatkist verdwijnt, maar geïnvesteerd wordt in de Nederlandse recycling.”
Dat het weglekken naar Duitsland tot dusver meevalt, komt volgens Droogh door de Duitse verwerkingstarieven, die vergelijkbaar zijn met de Nederlandse prijs plus de huidige afvalstoffenbelasting. In Duitsland is nu meer afval dan capaciteit. Export loont dus niet. Toch is het evenwicht wankel, stelt hij. “Ontstaat door Nederlandse verhoging wél een prijsverschil, dan dreigt het gevaar van weglekken.” Voor dat laatste vreest Van Gorkum. “We moeten voorkomen dat te recyclen stromen ongesorteerd naar het buitenland verdwijnen”, zegt hij. 

"We moeten in Nederland het verwerken van restafval niet duurder maken dan in het buitenland."
Wieger Droogh - SUEZ Nederland
"De recyclingsector en hun klanten betalen de rekening van de verhoging."
Gerard van Gorkum - ARN B.V.
"We moeten de Nederlandse concurrentiepositie niet schaden."
Jasper de Jong - AVR